Senang producties

Creatieve communicatie – Patrick Wouters

Lost and found

Patrick Wouters - Senang producties

Dirk Emile Van Gaasbeek

Dirk Emile van Gaasbeek, het jongere broertje van mijn oma, raakte tijdens de Tweede Wereldoorlog als KNIL-soldaat op 21-jarige leeftijd vermist op Sumatra.

Bij ieder bezoek aan mijn oma in Amerika trok deze foto in de slaapkamer van mijn grootouders mijn aandacht.
Door een toevallige samenloop van omstandigheden stuitte ik op zijn laatste rustplaats: het Nederlands ereveld Leuwigajah te Cimahi (Java). Niemand van zijn nabestaanden heeft dit bij mijn weten ooit geweten. Door de schrijffout (de toevoeging ‘van’ ontbreekt) dook hij niet eerder op in mijn zoektocht. Ook vond ik hem (nog) niet in de militaire stamboeken omdat de aanleiding ontbrak: Emile was immers vermist…

Met mijn oma kan ik dit nieuws helaas niet meer delen. Zijn overleed in 2017 in Californië.
Ik ben blij dat ik voor haar broertje dit virtuele monumentje mag oprichten.

Dirk Emile Van Gaasbeek Geboren op 7 november 1922 te Ambarawa (Java)
Overleden op 7 oktober 1944 te Kuala Simpang (Sumatra)

Zijn ouders waren: Dirk Hendrik Jacobus Van Gaasbeek. Geboren 23 januari 1880 te Bengkalis (Sumatra). Overleden 26 december 1926 te Soerabaja.
Johanna Maria Carolina Simao. Geboren 19 april 1887 te Koedoes. Overleden 3 juli 1935 te Soerabaja.

Foto
Weemoed is een foto van voor twintig jaar.
Familie, nog samen, nog gezond.
Is toen. Met een lijst van nu errond.
Het nu houdt het verleden bij elkaar.

Gedichtfragment van Herman de Coninck
uit: Met een klank van hobo (1981)

De ouders van Dirk Emile (mijn overgrootouders langs moederskant). Inzet 1: zijn drie oudere zusjes; de middelste is mijn oma. Inzet 2: Kaliemag, Tjang Koedoes, de moeder van Johanna Van Gaasbeek – Simao. Tjang Koedoes is hun oma (mijn betovergrootmoeder).

Inmiddels heeft de Oorlogsgravenstichting laten weten de naam op het kruis aan te passen naar aanleiding van mijn posts op social media.

Complottheorie

Patrick Wouters - Senang producties

Meme made by Michael J. Farrand

Beste oom Tjoek,

Ik noem u oom uit respect. Ook al bent u geen familie. Ik noem u Tjoek omdat niemand mag weten dat u Ferry heet.
Wilt u:

  1. Mijn moeder geen mail en appjes meer sturen van complot- en samenzweringstheorieën over Covid19 & Bill Gates, nine-eleven, de Illuminati en 5G?
  2. Haar niet meer taggen op Facebook bij bizarre filmpjes, fake en Fox news om haar te overtuigen van uw gelijk? Mijn moeder is 83, heel scherp en bij de pinken, maar breng haar aub niet in verwarring. U woont sinds 1960 in Amerika. Dus stop met delen van berichten op Facebook en Messenger van Baudet, Naninga, Wilders en Trump.
    Oh Ja: Paul McCartney is niet dood. Hij leeft. En Black lives matters!

Dank u wel. Hartelijke groeten uit Nederland, Erik.

Ps. Erik is één van de hoofdpersonen uit Patricks boek Foto van vroeger. Maar eigenlijk heet ik anders.

English version:
Dear Uncle Tjoek,

I call you uncle out of respect. Even we are not related. I call you Tjoek because no one should know that your name is actually Ferry.
Would you please:

Do not send my mom emails and messages about conspiracy theories on Covid19 & Bill Gates, nine-eleven, the Illuminati and 5G?
Stop tagging her in Facebook posts with bizarre videos, fake and Fox news to convince her that you are right?
My mom is 83, very sharp and on the ball, but please don’t confuse her. You live in America since 1960. So stop sharing messages on Facebook and Messenger from Dutch right wing idiots like Baudet, Nanninga, Wilders and the biggest fool and liar of the universe: the real Donald Trump?
Oh yeah: Paul McCartney is not dead. He’s alive. And Black lives matters!

Thank you. Kind regards from the Netherlands, Erik.

Ps. Erik is one of the main characters in Patrick’s novel: Photo from the past. But actually I have a different name. 😉

Intro
Journalist Herman Keppy en ik presenteerden De Grote Surabaya Show tijdens de 55e Tong Tong Fair (2013) en De platenkoffer van mijn vader tijdens de 58e editie in 2016. In aanloop naar beide programma’s schreven wij (elkaar) over een keur aan onderwerpen. Dat alles is op de Facebookpagina van De Surabaya boys nog te zien en te lezen. De Surabaya Boys schrijven (elkaar) nog steeds. Wij zijn nog lang niet aangeschreven.

Herman Keppy, Patrick Wouters, Jan Vennik en René ‘Baas’ Vreede. Op de achtergrond onze ouders. Foto: Wouter Cosaert

De platenkoffer van mijn vader: Amerikaanse invloed op de Indocultuur (introductie afkomstig van de Tong Tong Fair)
Via de platenverzameling van hun vaders duiden Patrick Wouters en Herman Keppy – de Surabaya Boys – de grote invloed van de VS op Nederlands-Indië en Indisch Nederland. Ze laten muziek horen, tonen filmpjes en foto’s, vertellen anekdotes en natuurlijk ontbreekt de publiekskwis niet.
Keppy opent de swingkoffer met elpees van Glenn Miller, Frank Sinatra, Peggy Lee, Nat King Cole en anderen.
Herman: ‘Smoke Gets In Your Eyes van Earl Bostic kocht hij in 1951, het eerste jaar in Nederland. Hollanders kennen dat rauwe saxofoongeluid nauwelijks, dat enorm gewild was op de Indische en Ambonese feestjes van toen. Mijn vader leende zijn plaat uit, en zag ‘m nooit meer terug. Jaren later vertelde hij me hoezeer hij het verlies van die 78-toeren single betreurde.’

Wouters stoft zijn pa’s countryplaten af; van Jim Reeves, Merle Haggard, Charley Pride en Buck Owens tot een hoop andere cowboys. Patrick: ‘Ik snap goed dat mijn ouders hun geboorteland helemaal niet wilden verlaten als ik de foto’s bekijk van huisfuiven uit het Surabaya van de jaren vijftig. Het eerste wat mijn vader deed na aankomst in Nederland, was een portable platenspeler kopen op afbetaling. Zo bracht hij, winter 1958, warmte en gezelligheid in het contractpension aan de Haagse Willemstraat’.

Twee speciale gasten zorgen voor muzikale ondersteuning: gitarist René ‘Baas’ Vreede, in Indische kringen vooral bekend als leider van de voormalige Hondo Rockers. En topsaxofonist Jan Vennik die heeft gespeeld met de legendarische Haagse band The Motions en tal van andere artiesten.

Op mijn website licht ik enkele highlights uit onze correspondentie uit.

Indische huisfuiven in Surabaya
Ik krijg langzamerhand antwoorden op allerlei vragen die ik had naar aanleiding van huisfuiffoto’s van mijn ouders in the Fifties. Mijn moeder wist me te vertellen dat Guitar Boogie van Arthur Smith dé jiveplaat was, die ze werkelijk stukdraaiden. Er ging geen fuif voorbij waar niet op deze plaat werd gedanst. Een vriendin van mijn moeder somde nog een hele reeks artiesten op die voor vele mooie dansmomenten zorgden: Pat Boone, Patti Page, Les Paul and Mary Ford, Dean Martin, Frankie Laine en Bill Haley. Allen Amerikaans.

Omschakelen
November 1958 vierde mijn vader zijn 26e verjaardag in pension Krüger, gevestigd in de Haagse Willemstraat. Hij was nog geen twee maanden in Nederland en had een turbulente tijd achter de rug. Het was winter, koud en guur. Muziek deed hem dat alles vergeten.
Van zijn zuurverdiende geld kocht mijn vader een DUAL portable platenspeler die hij overal mee naartoe sleepte. Ook naar zijn verloofde, mijn moeder, die in Eindhoven woonde. Lang heeft hij niet kunnen genieten van zijn platenspeler. Den Haag kende in die tijd een andere netspanning (127 volt) dan Eindhoven (220 volt). Trots liet mijn vader mijn moeder zijn portabel platenspeler zien. Van een omschakelaar, laat staan een hoger voltage in een andere stad, had hij niet gehoord. Ter plekke blies hij zijn pick up op.

Foto’s: de foto van mijn vader met vlinderdas is gemaakt in het befaamde restaurant Hellendoorn aan de Pasar Besar in Soerabaja. Naast hem mijn moeder. De foto linksonder van mijn dansende ouders is gemaakt tijdens zo’n vermaarde huisfuif in Soerabaja. De foto rechtsonder: mijn vader op zijn verjaardag met zijn DUAL platenspeler. Ik kwam eenzelfde exemplaar onlangs tegen in het Rotterdams Radio Museum. Het bracht mij meteen terug naar de tekst en foto’s bij dit artikel.

A beautiful friendship

Patrick Wouters - Senang producties

John & Paul 1968 - Linda McCartney

John and Paul captured at EMI Studios by Linda Eastman (1968). © Linda McCartney Estate

Eind jaren zeventig probeerden twee vrienden uit Liverpool hun vriendschap weer op te bouwen. Af en toe, als de gelegenheid daar was, ontmoetten ze elkaar: pratend, lachend, huilend en ruziemakend. Of de een liet de ander niet binnen. Wat er ook voorviel, uiteindelijk eindigden ze altijd als oude maatjes.

John Lennon stond in de deuropening van zijn appartement in The Dakota in New York City en sloeg zijn arm om Paul McCartneys schouder:
‘”Won’t you think about me every now and then, my old friend?”
Paul zou John nooit meer levend zien.

Jaren later verraste Carl Perkins Paul met een cadeau: het nummer My Old Friend. Naar verluidt emotioneerde dit lied Paul enorm: de sterke tekst bevatte dezelfde laatste woorden van John aan Paul. Hierover heeft Paul niet eerder kunnen/willen spreken:
“If we never meet again this side of life, in a little while, over yonder, where there’s peace and quiet, my old friend, won’t you think about me every now and then?”

  • Kijk en luister op YouTube naar Carl Perkins en Paul McCartney met My old friend.
  • Over de bijzondere vriendschap en laatste ontmoeting tussen John Lennon en Paul McCartney is een mooie film gemaakt (fictie): Two of us.
  • Over zijn vriendschap met John Lennon schreef McCartney het ontroerende Here today, dat hij nog steeds live speelt als tribute: https://youtu.be/VitKLVSja5I
  • In 2020 is het 40 jaar geleden dat John Lennon werd vermoord. Het is ook het jaar van zijn tachtigste geboortedag. Momenteel doe ik onderzoek voor een artikel over maandag 8 december 1980 met als werktitel: Walking on thin ice…

Goede geschiedschrijving is telkens weer opnieuw zoeken naar een verhouding tot het verleden. Naar de juiste mix. Inclusief de schaduwkanten. Zo objectief mogelijk. Zonder van te voren opgelegd moreel gelijk. Dat is een vak apart. Sommige historici vinden de manier waarop we nu naar de Nederlandse geschiedenis kijken te activistisch en te opportunistisch. Een voorbeeld hiervan is de discussie over de term Gouden Eeuw of over ons slavernijverleden en moeizaam dekolonisatieproces. Anderen vinden juist dat teveel nadruk ligt op de zonnige kanten. Getuige de reacties op de Canon van de Nederlandse geschiedenis.

Gelukkig bepaalt de overheid en het kabinet niet de inhoud van geschiedenis- en schoolboeken (maar helemaal daarachter verschuilen kan ook weer niet). Het kabinet gaf daarom opdracht de Canon van Nederland herijken. Waarbij nadrukkelijk gekeken wordt naar de schaduwkanten van de Nederlandse geschiedenis. Ook komt er aandacht voor de verhalen en perspectieven van verschillende groepen in de samenleving. Een goede ontwikkeling op weg naar een evenwichtige geschiedschrijving. Hopelijk in een vorm die jong en oud aanspreekt. Want van onze schoolboeken en onderwijs moet je het niet hebben…

4 mei 2020
De Nationale Dodenherdenking van 4 mei 2020 is een mooi voorbeeld van opnieuw zoeken naar een verhouding tot het verleden: “Sobibor begon in het Vondelpark met het bordje Verboden voor Joden.” De toespraak van de koning was raak: ieder woord kwam binnen. “Het minste wat we kunnen doen is: is niet wegkijken. Niet goedpraten. Niet uitwissen. Niet apart zetten. Niet ‘normaal’ maken wat niet normaal is.” De leegte, stilte op de Dam: ik ben er nog vol van.
Aan de overkant, in de Nieuwe Kerk, sprak Arnon Grunberg de 4-meilezing uit. Ook zijn woorden kwamen als een mokerslag binnen: “En het is ook logisch dat als er gesproken wordt over bepaalde bevolkingsgroepen op een manier die doet denken aan de meest duistere tijd uit de twintigste eeuw, als dat gewoon is geworden, er vroeg of laat op die manier ook weer over Joden gesproken kan worden. Voor mij was het van begin af aan duidelijk: als ze het over Marokkanen hebben, dan hebben ze het over mij. ‘Ik kan niet begrijpen, niet verdragen dat men een mens beoordeelt niet naar wat hij is, maar naar de groep waar hij toevallig toe behoort’, schreef Primo Levi in de jaren zestig aan zijn Duitse vertaler. Zijn indrukwekkende lezing vind je hier: Herdenken gaat uit van de vaststelling dat het verleden niet voltooid is…

Hollandse meesters her-zien
Hollandse meesters her-zien is een must see tentoonstelling in de Hermitage amsterdam in Amsterdam (2019 – 2020).

Amsterdam in de 17e en 18e eeuw was niet alleen bevolkt met mensen die je op de schilderijen van de Hollandse meesters ziet (en sinds jaar en dag het beeld van de ‘Gouden Eeuw’ bepalen). De archieven alleen al zijn daar stille getuigen van. De tentoonstelling van Jörgen Tjon Afong laat zien dat een herijking van de Canon van Nederland dringend nodig is. Ik was geraakt door de verhalen en de fotografie. Maar meer nog verontwaardigd door het feit dat we de geschiedschrijving generaties lang voor lief namen. Veel musea die prat gaan op de Gouden Eeuw laten kansen liggen. Ook hierover zeg ik: hou je niet afzijdig. Laat alle aspecten zien en wees niet snel op de tenen getrapt. We kunnen wat dat betreft veel leren van musea in de Verenigde Staten van Amerika en die van het Verenigd Koninkrijk. De Hermitage heeft het goed begrepen (zonder ongemakkelijk te balanceren).

Voor mij is deze tentoonstelling (en vele andere initiatieven waaronder de Black Archives) een inspiratiebron om (in mijn geval) het Indische verhaal door te blijven geven. Als Nederlandse geschiedenis en als migratieverhaal. Daarvoor gebruik ik social media en mijn website als platform. Ik hoop dat we oog en oor hebben voor elkaars verhaal.

Verder lezen en kijken

Meer achtergrondinformatie vind je hier:

Oorspronkelijk geschreven op 2 december 2019. Geactualiseerd naar aanleiding van de Nationale Dodenherdenking van 4 mei 2020.

Blijf thuis!
Samen kunnen we dit aan

Sigmund 25 en 26 april 2020 - Peter de Wit

Sigmund 25 en 26 april 2020 – Peter de Wit

Ik voel me best wel ongemakkelijk als ik langs de waarschuwing rijd: onderweg voor onze boodschappen en die van mijn moeder. Ben ook buiten om mijn gedachten te verzetten en een down en verdrietig gevoel te onderdrukken dat zo nu en dan op popt.
Het is druk. Mensen houden weinig afstand. Het lijkt of niemand het iets kan schelen. Op de weg en op straat. Jammer voor hen dan. Ik neem mezelf in ieder geval serieus en hou afstand en loop met een grote boog om mensen heen.
In de supermarkt houd ik de winkelwagen achter mij in plaats van vóór. Het gezin dat me op de hielen zit moet nu wel 1,5 meter/2 meter aanhouden bij het afrekenen. You wanna save humanity, but it’s people that you just can’t stand, zong John Lennon al in de laatste zomer voor zijn dood: snap er niets van. Is Nederland opeens van de aanraakcultuur? Kluitjesvolk!

Zolang er geen vaccin is blijft deze vorm van lockdown voorlopig bestaan ben ik bang. Met elkaar zullen we de 1,5 meter samenleving moeten vormgegeven. Of we willen of niet. En wie niet wil horen, moet voelen: dan wordt de lockdown alleen maar erger. Ik bang voor opleving en terugval.

De hele mikmak aan festivals, concerten en noem maar op naar het najaar verschuiven heeft totaal geen zin. Horeca open? Voor sommige ondernemers is het mogelijk. Hun creativiteit maakt me blij (slimme voorbeelden uit Azië en USA pikken ze op).

Reizen?
No way! Ik zie mezelf dit jaar niet meer naar Indonesië gaan. Mijn vlucht naar Bali eind april is geannuleerd. Van kennissen uit Surabaya en Jakarta hoor ik hoe vreselijk het is qua aantal besmettingen en doden. Veel inwoners van Java lappen de maatregelen aan hun laars. Ramadan of niet.
Op Bali is de situatie totaal anders. Niet zo zorgelijk naar verluidt. Maar het hele plaatje voor Indonesië is niet compleet. Betrouwbare informatie is niet beschikbaar. De pandemie wordt ook als politiek middel gebruikt. Reken maar dat de werkelijke aantallen minimaal 30% hoger liggen appt een vriend me.
Afijn. Hoe graag ik ook wil: niet ingeënt op vakantie is onverantwoord en zinloos (en het vaccin laat logischerwijs op zich wachten). De zorg in Indonesië kan het niet aan. Dus zoek ik het ook niet op. Hoe graag ik daar ook enkele projecten had gesteund, want ook daar is de financiële situatie vreselijk. Waar niet momenteel 😦
Moet het hoogseizoen als verloren worden beschouwd?

Mijn Instagramaccount wordt momenteel gespamd met advertenties van mondkapjes en ander persoonlijke beschermingsmiddelen. Mijn bestelling is al een maand onderweg. Ik wil niet onbeschermd op pad  (voor mezelf en anderen) en zeker niet in het OV. Tenminste niet nu… de trams in Den Haag zitten schrikbarend vol en de mensen dicht op elkaar. Onbegrijpelijk.

In de lift van ons appartement mag telkens maar één stel of 1 persoon. Twee oudere bewoners willen serieus instappen tijdens een tussenstop. “Wil je niet met ons in de lift?”
“Nee!”, zeg ik resoluut. De man lacht. De deuren sluiten zich.
“Ik vind het zo overdreven”, hoor ik zijn vrouw nog net zeggen.

Ik voel me niet schuldig als Scott en ik in de avond een lange autorit maken door Den Haag. Toerend door mijn geboortestad langs lanen en mooie nieuwe en oude wijken. Genietend van de zon, fascinerende bouwstijlen en het besef dat we het goed hebben en mazzel.

%d bloggers liken dit: