Senang producties

Creatieve communicatie – Patrick Wouters

#Mijmermoment oktober 2021

Patrick Wouters - Senang producties

Namasté zeg ik als collega B nadert om mij de hand te schudden.
“In onze cultuur schudden we elkaar de hand, Patje.”.
“In Jouw cultuur wassen ze geen handen na het plassen vriend.”

We schieten in de lach. Zo gaan wij al jaren met elkaar om. Wij respecteren elkaars wijze van begroeten: jouw vrijheid is mijn vrijheid.
Ik schud geen handen meer. Mijn naasten, geliefden, familie, vrienden: ze krijgen een hug van mij. Een echte brasa. En die drie zoenen op de wang : please no! Op kantoor is het druk. Veel te druk naar mijn smaak. Files op de weg en bij de liften. Fijn om alle bekende gezichten te zien. Nou vooruit: een boks of een rechterelleboog dan.

Cartoon van Jip van den Toorn. Copyright De Volkskrant

Ik ben niet bang voor Covid19. Wel voor het gedrag van mijn medemens. Moet meteen denken aan dát mens dat mijn moeder in de supermarkt uitkafferde omdat zij te traag zou zijn en dat het mijn moeders schuld was dat zij nu een mondkapje droeg en nergens meer heen kon. Aan vuige demonstranten die tegen de coronamaatregelen en vaccinaties zijn en doodleuk met galg en Davidster rondlopen. En onzin rond bazuinen over medische apartheid. Coronaontkenners etc. Maar ook aan ophitsende nationale en internationale politici die van polariseren, haatzaaien, fake news en desinformatie verspreiden een levensmissie maakten. Om over wat momenteel gaande is in de zorg maar te zwijgen. Ik ben er klaar mee.

Wat een afgelopen 1 ½ jaar. Na die gezel van persconferenties, gespeend van iedere vorm van empathie. In een taal en op een toon alsof we debielen waren. Schoolmeestersjargon. Na ruim anderhalf jaar onnavolgbaar, reactief zwabberbeleid, maak ik de balans op en trek mijn eigen plan.
Het zal ook voor bewindspersonen en ambtenaren even slikken zijn. Het KPGM-rapport, de reconstructies en onderzoeken naar het Nederlandse coronabeleid door onder meer Nieuwsuur. Ik denk nog steeds aan de verontwaardigde schijnheilige reacties toen BIJ1’s Sylvana Simons sprak van beleid waarbij doden vielen. Maar goed. Ga er maar aanstaan.
Het is duidelijk dat Nederland de maatregelen veel te vroeg losliet. En je vraagt je af: luistert dit demissionaire kabinet überhaupt wel naar deskundigen of naar het Parlement en de eigen burgers?!

Zelf heb ik al lang afgewogen af wat ik behoud of niet. De balans opgemaakt wat de afgelopen periode voor mij betekende. Mijn kring weet waarom ik een mondkapje draag op drukke plaatsen. In heel veel landen is het ook geen enkel probleem. Wij Nederlanders zijn toch een vreemd en zeikerig volk. Geef ons regels. Geen adviezen.

Elkaar de ruimte geven en gunnen. Letterlijk en figuurlijk. In de supermarkt, in het verkeer etc. Ik was erg blij met de stickers op de grond, de looprichtingen etc. En ook de algehele hygiënemaatregelen in supermarkten en restaurants bevielen mij. Terug naar het oude normaal hoeft voor mij niet. De natuur kon op adem komen. Helaas: het milieu en het klimaat zijn weer onderwerp van doorschuiven naar volgende generaties. En wij? Wij vallen terug op pré-coronagedrag.

Ook de grens van mijn ruimdenkendheid komt aardig in zicht. Ging ik tot nu toe bevlogen het gesprek aan, tegenwoordig zet ik alleen nog maar mijn bril van verwondering op. Een gesprek tussen uitersten: spreken voor dovemansoren.
De ophef over het coronatoegangsbewijs. Ik snap het niet. Je hebt wel degelijk een keuze. Drie zelfs. Maar gevaccineerd met klachten en niet laten testen is net zo dom en onverantwoord als je meteen gaat dansen met Jansen. Gevaccineerd zijn is geen vrijbrief om je toch aan de simpele basisregels te houden.

Ik heb nog nooit zo verlangd naar een persconferentie. 😉

Fokke & Sukke. Copyright NRC.

Switi Sranan: Suriname 2021

Patrick Wouters - Senang producties

Het voelt als bevrijding: de negatieve testuitslag waarmee ik mijn verplichte (én gecontroleerde) thuisquarantaine beëindig. Zes dagen ervoor testte ik ook negatief om de terugreis Suriname – Nederland te maken.

Op luchthaven Zanderij (Johan Adolf Pengel International Airport) neemt de Covid19-procedure veel tijd in beslag. No spang is al de hele vakantie mijn motto.
Vlucht KL 714 bevat een mooie mix aan nationaliteiten. Ook de bevlogen Surinaamse president Chan Santokhi en zijn ministers zitten op deze vlucht: werkbezoek in Nederland.

“Kijk die Chinezen dan. Ik heb helemaal niets met dat volk. Zij hebben corona in de wereld gebracht en door hen moet ik in quarantaine en 9 uur een mondkapje op in dit krappe vliegtuig. Dank je wel KLM.” Onfortuinlijk zit ik naast een Surinaamse dame die mopperen en zeiken tot levenskunst heeft verheven. Haar reisgenoot zit er sullig bij en laat haar begaan. Hij sluit zijn ogen en doet alsof hij de hele vlucht slaapt. Niets deugt volgens deze dame: van het te krappe vliegtuig tot de smalle gangpaden, te kleine bagagebakken en grote families met slierten kinderen en handbaggage.

Ik neem mij voor me niet te ergeren of te reageren op haar tirades. Verdiep me in mijn boek, geniet van de speelfilm Meskina en mediteer. De terugvlucht vliegt voorbij. Ik had al heimwee naar SU lang voordat ik incheckte om naar mijn andere thuis te gaan.

Vijf jaar geleden mijn hart verpand aan Switi Sranan: Suriname. Iedereen die er ooit is geweest, opgegroeide of woonde, zal het beamen: een land dat je niet makkelijk loslaat.

Deze zomer verbleef ik 5 weken in dit heerlijke land. De laatste 8 dagen van mijn verblijf mocht ik remote werken van mijn werkgever. Met goede wifi en kantoorruimte met airco is plaats en tijdonafhankelijk werken appeltje eitje.

Wan Pipel
In Paramaribo liggen de verhalen op straat. Met een beetje geluk ook in taxi’s.

“Wat scheelt die jongen met vrouwen? Wie is dat meisje?”
“Die ene Hindoestaanse dame die hem laatst al was komen halen. Maar ik bemoei niet hoor.”
“Ik bemoei wel! Ik laat me niet als een klein jongen behandelen. Vooral niet door mijn zoon!
Roy. Je zal me vanavond alles moeten uitleggen. Alles! Anders breek ik je ribbenkast.”
Schuddebuikend zitten we achterin met mondkap te genieten van onze favoriete taxichauffeur die hele stukken tekst kent uit Wan Pipel als we toevalligerwijs langs filmlocaties rijden.
Wan Pipel, de eerste Surinaamse speelfilm van Pim de la Parra. Nog steeds ieder jaar rond Onafhankelijkheidsdag vertoond op de Surinaamse televisie.
In de la Parra’s film staan de politieke en raciale spanningen van het multi-etnische Suriname centraal.
Onze taxichauffeur draagt zonder moeite in het Sranantongo en in het Nederlands hele stukken tekst voor. Gesticulerend, met zwaar accent en één hand aan het stuur. We geven hem extra benzinegeld.

“Jongen. Je moeder is nog niet koud in de grond of overal word je gesignaleerd.”

“Er zijn mannen. En mannen. Wat ik heb gezien van Roy: hij is een man.”
“Een man. Een man die zich door een wildvreemde vrouw laat meesleuren. En zodanig dat ie zichzelf ruïneert. Is man noh. Nyan mi mars!.”

Wandelend of rijdend door de stad zie ik meer bedelaars en daklozen dan ooit. Vooral aan De Waterkant, de oudste straat van Suriname langs de Surinamerivier. Overal in de stad slingeren lege maaltijdbakjes: de kerk zorgt dat wie het nodig heeft twee maaltijden per dag krijgt. De crisis en de pandemie hebben genadeloos toegeslagen. De nieuwe president heeft haast en wil voor het einde van 2021 dat het ergste leed geleden is.

Waka Pasi Palmentuin

Waka Pasi
Aan de Waka Pasi, de promenade langs de Palmentuin, drink je de lekkerste koffie van Paramaribo. Ik krijg de gelegenheid om te luisteren naar wat expats, Nederlandse verpleegkundigen, ambassadepersoneel en de lokale bevolking zoal te vertellen hebben. Al luisterend en mijmerend maak ik aantekeningen. Fragmenten voor later. De verhalen zijn niet altijd tot mij gericht. Desondanks geniet ik met opgetrokken wenkbrauwen en een glimlach.

De maatregelen in Suriname, de lockdown en de avondklok beperken mij totaal niet. Ik ben tegen de 1 ½ meter samenleving.
Zelf hou ik namelijk 2 meter aan. En laat in Suriname nou dat dé regel zijn. 1 ½ meter is de minimale afstand. Dit nieuwe normaal bevalt me nog steeds. Het staat symbool om elkaar ruimte te geven en te gunnen. Op straat, op de snelweg en in de supermarkt. En ook op het vermaledijde social media.

De onderwerpen? De Covid19 situatie in Suriname; wel of niet vaccineren, de pandemie-aanpak door de regering; LHTBIQ+ en conservatief Suriname; de staatsgreep van 1980; de Decembermoorden (en de aanstaande gerechtelijke uitspraak). Werkelijk alles komt voorbij. Ik raak niet uitgevraagd. De één loopt leeg, de ander wil er pertinent niet (meer) over praten.

”Ik ben niet tegen vaccineren,” zegt natuurgenezer, psycholoog en liefdestherapeut Germain May. Zijn Oso Dresi Special Fever Medicine versterkt het immuunsysteem. Het is géén Covid-medicijn benadrukt hij.
”Je weet wat je te doen staat,” zeg ik (pro-prik) met een knipoog als hij afrekent. Zijn business loopt als een trein. May zal nog even wachten met de prik: hij wil dat zijn cliënten een eigen afweging maken en niet door hem worden beïnvloed.
Naar verluidt laat de minister van Volksgezondheid, die niet tegen traditionele geneeskunde is, oso dresi’s op hun veiligheid keuren. De minister is overigens het gesprek van de dag: er komt geen nieuwe lockdown (hoewel de geruchten anders zijn ;-). De maatregelen die nu gelden blijven gehandhaafd.
“De verantwoordelijkheid ligt bij u. Na yu e bepaal soort sey we go nanga a golf disi. We gaan dit keer niet zo snel over tot maatregelen. De verantwoordelijkheid ligt bij elk individu”, zegt Amar Ramadhin (Bron o.a.: Surinam Herald).
Zoek het zelf maar uit! Betoel!, zegt mijn Javaanse buurman. Vandaag zijn Creolen, Hindoestanen en Javanen eensgezind in hun oordeel over minister Amar Ramadhin. De Hugo de Jonge van Su.

“Je steelt niet van je landgenoten!”
Deze man is in ieder geval geen NDP-aanhanger als hij ongemeen fel los gaat op de vorige president van Suriname, die het land naar de afgrond bracht en wiens naam niet genoemd wordt. Maar diens nalatenschap des te meer. Zeker als bekend wordt dat schijfster Astrid Roemer feitelijk de mond gesnoerd omdat ze een afwijkende mening heeft over de gebeurtenissen in 1982.
“De nabestaandenelite houdt ons land al bijna veertig jaar in zijn greep. Ik hou mijn hart vast maandag. Het recht moet zege vieren. Maar we moeten ook verder. Ja toch?”.

Mijn interesse voor geschiedenis, Surinaamse vrienden en collega’s maken dat ik de geschiedenis van het land, de plattegrond van de stad op mijn duimpje ken. Denk ik. Geen heden zonder verleden. Wat de afgelopen zestig jaar gebeurde, van kolonie tot republiek fascineert mij sinds jaar en dag. Hun geschiedenis. Onze geschiedenis. Het contact verloopt daardoor makkelijker.

Mi gado. Mi Jezus. Joe ab? Ala ogri e tyari wan bun (elk nadeel heeft zijn voordeel)
Ik was 25. In de nacht, de vroege ochtend van 25 februari 1980 in de Zwartenhovenbrugstraat. Mijn vrienden en ik zien militaire voertuigen rijden in de Domineestraat. Rookpluimen aan De Waterkant. Een dreigende sfeer. Ik zeg je, ben nog nooit zo snel nuchter geworden… weet je dat de staatsgreep iedereen wel uitkwam? Ook Nederland. ‘Mi sabi, mi sabi’. En ik vertel je, zij hebben Bouta een hele goede dienst bewezen. Ja toch? Jullie dossiers zijn tot 2060 niet in te zien.”

Voordat ik kan vragen waar hij in 1982 was, kijkt hij weg:
Twee jaar later is het uit de hand gelopen. Ik was toen al naar Den Haag.”

Paramaribo-Noord

Genuanceerd praten over toen, over nu: het lijkt onmogelijk. Oude tegenstellingen zijn hardnekkig. Nog steeds zijn hele families en vriendengroepen verscheurd. In Suriname én in Nederland. Of het nu gaat om December ’82 of wel of niet vaccineren.
Is Suriname de ideale melting pot die de nieuwe president ons doet geloven? Hij krijgt het voordeel van de twijfel, maar tijdens zijn werkbezoek aan Nederland wordt hem het vuur aan de schenen gelegd. De beste stuurlui staan aan wal. Hier en daar. Ook de problematiek uit Wan Pipel is geenszins achterhaald merk ik. Maar ik ken geen ander land waar at the end of the day, bewoners en diaspora vol liefde over spreken en klagen.

Terug in Nederland mis(!) ik de temperatuurscan die in iedere winkel en restaurant verplicht is. De verplichte mond- en neuskap: ik was er zo aan gewend (ook al stikte ik de moord ;-).
Ik praat met consumptie. Toen ik leraar was, waren de eerste rijen in mijn klas altijd leeg! Ik vertel deze grap (niet de mijne overigens) vaak om uit te leggen waarom ik een mondkapje draag.
Ik draag-m hier nog even in ons gepolariseerde landje:
“A conspiracy of silence, speaks louder than words, (Dr. Winston O’Boogie).”

Kijk en leestips

  1. De door Eye Film gerestaureerde versie van Wan Piple is online te bekijken.
  2. “Sranantongo: Surinaams voor reizigers en thuisblijvers”. Michaël Ietswaart en Vinije Haabo.
  3. “Reishandboek Suriname”. Tessa Leuwsha.
  4. “Suriname, reisgids Buitenkansjes”. Parbo magazine,
  5. “Onder de paramariboom”. Johan Fretz.
  6. “De koningin van Paramaribo”. Clark Accord.
  7. De soundtrack van Wan Pipel, inclusief dialogen staat op Spotify .
  8. The Black Archives,

Enkele foto’s uit mijn privé-album

Bevrijdingsdag #mijmermoment

In Nederland vieren wij op 5 mei de vrijheid. #Vrijheid is een groot goed. Mijn vrijheid is óók jouw vrijheid.

Één van de mooiste ontdekkingen, ervaringen, lessen van de afgelopen periode, is voor mij: vrijheid ervaren in het alledaagse. Naast vrijheid om jezelf te kunnen zijn. Naast de kunst om in het moment te zijn door in verbinding met jezelf te staan. Dan alleen maak je verbinding met een ander.

Ik voel me door de Covid19-maatregelen juist niet beperkt in mijn vrijheid, zoals sommigen ons willen doen geloven. Ben voor de lockdown gemaakt . Situaties als deze zijn ideaal om een relatie met jezelf aan te gaan.

LHBTIQ+ Internationaal Homomonument in Den Haag

Vrijheid is voor mij ook: niet wegkijken of je afzijdig houden van onrecht, onverschilligheid en onwetendheid. Verzet begint niet per se op de barricades of met grote woorden, maar gewoon thuis, met onderricht/educatie, discussie of zoals je wilt het Socratische gesprek. Binnen je gezin, familie, bij vrienden, collega’s, offline of online.
Daar moest ik aan denken na de prachtige voordrachten van André van Duin, Armara van der Elst en Roxane van Iperen op 4 mei 2021. Om stil van te worden, maar niet om stil te blijven…

Verder lezen:

#4mei #5mei #bevrijdingsdag

Een vlaag van ontroering overviel mij tijdens de inauguratie van Joseph Biden en Kamala Harris, die ik live volgde op CNN. De Nederlandse televisieverslaggeving liet ik links liggen: te veel gepraat om het praten naar mijn smaak. Vooral tijdens cruciale momenten. Ik wilde dit historisch moment unabridged, ongepolijst ervaren en schakelde op tijd over.
Twaalf jaar waren inmiddels verstreken sinds dat andere moment van hoop en verandering: de inauguratie van Barack Obama op 20 januari 2009.
Twaalf jaar later. Vier jaar ná de Amerikaanse nachtmerrie van onbeschaamd, onverhuld racisme, discriminatie, uitsluiting, leugens, bedrog, ophitsing en desinformatie, dat een apotheose kreeg met de bestorming van het Capitool. De Trumpjaren: een gevalletje ‘klimaatverandering’, waar massaal en bewust vóór gekozen is en ebt nog steeds na. “This is not America”, … ik dacht het wel.

Amanda Gorman (bron Instagram AG)


Ik zet mijn kaarten op de jeugd. Amanda Gorman raakte mij in het hart met The Hill We Climb. Haar verzoenende gedicht, een geweldig spoken-word-voordracht gaf vertrouwen en maakte veel los. Er is hoop. Hoop doet leven.

De kater kwam echter sneller dan ik verwachtte. Helen, herstellen wat stukgemaakt is in vier jaar tijd is geen gemakkelijke opgave. Sneller dan ik hoopte ging iedereen over tot de orde van de dag. Het politieke spel kreeg weer vrij spel. Democraten en Republikeinen nemen elkaar de maat: Biden wittebroodsweken gunnend. Europa, China en Rusland kijken toe en trekken hun plan (of vervallen in apathie, zoals in het geval van Europa).
In Nederland struikelen politici over elkaar heen met verkiezingen in zicht en schetsen ons nieuwe vergezichten. Stoere spierballentaal uitkramend en heftig gesticulerend. Hoe grover hoe beter. Burgemeesters, bewindspersonen en lijsttrekkers op de eerste rij. Gevolgd door vreselijk leuterend ‘duidend’ dagelijks tijdverdrijf in talk- en nieuwsshows (met telkens dezelfde gasten). Ik merk: ik word somberder en somberder. Wat doe ik mijzelf aan? Waarom kies ik hiervoor?

Gebruik je stem
Na weken van innerlijke rust, gevoed door zelfreflectie en bezinning, word ik onrustig en ongerust. Ook mijn boosheid en verontwaardiging zoeken een uitlaadklep. Hoe heeft het zover kunnen komen? Waarom grijpen we niet in, sturen we niet bij, leren we niet van onze fouten? Waarom weer wachten tot een volgende Parlementaire enquête en dán pas beterschap beloven? Ga ik wéér stemmen voor hoop en verandering?
Het roer moet om. Klaar met het kortzichtige politieke spel. Roepen we sinds de verkiezingen van 15 mei 2002 niet steeds het-is-tijd-voor-nieuwe-politiek? Negentien jaar later!
Het moet mij van het hart: ik vind de wijze waarop wij, waarop Nederland deze crisis aanpakt onvergeeflijk: zwabberbeleid zonder perspectief. Hetzelfde geldt voor de vaccinatiestrategie- en stagnatie. Ik wil mild zijn, maar het lukt me niet. En dan heb ik het nog niet over de ontluisterende kindertoeslagaffaire. Laat staan de inmiddels mainstream manier waarop in onze samenleving (al dan niet in light variant) moslims worden weggezet. Ik maak me zorgen om onze jeugd. Wat laten wij voor hen na.
Ik ben maatschappelijk betrokken, maar geen lobbyist of politiek actief. De enige manier om iets van invloed te hebben is gebruikmaken van mijn stemrecht. Wil je verandering? Laat op zijn minst je stem niet verloren gaan!

Save the world – save yourself
Het kan. Ik geloof er nog steeds in. Ook al komt het vandaag van ver. Er zijn ook andere manieren van invloed uitoefenen.
Een nieuw decennium geeft hoop en perspectief. One world one people? Kunnen wij mensen het verschil maken?
Verander de wereld, begin bij jezelf roep ik sinds jaar en dag en handel er zo goed en zo kwaad als het kan, naar. Iedere dag kun je opnieuw beginnen: je eigen gedrag, je eigen doen en laten veranderen. Met bezieling, moed, humor en positiviteit, met ups én downs. Met vallen en opstaan. Telkens weer. Geïnspireerd door zoveel moois, maar je moet het wel zien.

Wir shaffen es, met elkaar. Zelfs als moeilijk wordt: het is niet onmogelijk. Ik wil niet in een polarisatiefuik terechtkomen. Ik wil het gesprek en de dialoog blijven voeren. De verbinder zal ik zijn. Maar eerlijk is eerlijk: niet meer met iedere agressieve roeptoeter, ‘coronaverzetsheld’ of populistisch politici. Soms moet je duidelijk zijn over je eigen grenzen.

Tot slot. Stel jezelf de vraag: willen we de wereld blijven uitwonen? Is de wijze waarop wij met natuur, mens en dier omgaan in het licht van 2020 normaal? Kan het anders? Moet het anders? Yes we can! Laat van je horen. Wees niet onverschillig. Met elkaar kunnen we het verschil maken. Jij en ik. We hebben een keuze. Count me in. What about you?

De afgelopen weken werd ik geïnspireerd door blogs van onder meer Johan Fretz, Augusto de Campos Neto, Clarice Gargard, Shervin Nekuee, Pema Nooten, Scott Schotsborg en Evert van der Zwan.

Zondagmiddag. Op de fiets. Frisse lucht. Inspiratie opdoen.

Patrick Wouters

Maandag 8 december 1980

Patrick Wouters - Senang producties

New York, New York, maandag 8 december 1980

Opnieuw beginnen
In de zomer van 1980 schreef de Hitkrant dat HIJ na een pauze van pakweg vijf/zes jaar in de studio was gesignaleerd. Een muzikale comeback waarnaar ik reikhalzend uitkeek. En niet door mij alleen.
Als voorbode van wat zou komen, draaide mijn favoriete radio diskjockey Frits Spits zijn nieuwe single: (Just Like) Starting over. Als vriend van de Avondspits was ik dagelijks even na zessen aan de radio gekluisterd. Huiswerk makend. We aten altijd vroeg, voor vijven. Die stem, die sound: vijf jaar pauze hebben hém goed gedaan zei Frits Spits in zijn afkondiging van de plaat. In mijn herinnering was het vrijdag 24 oktober. De zaterdag erop kocht ik de single bij Radio Modern in Winkelcentrum In de Boogaard. In de pauze van mijn zaterdagbaantje bij Toko Menuet. Nog geen maand later stond ik weer bij Radio Modern. Het album Double Fantasy kreeg als ondertitel A Heart Play. De dialoog tussen man en vrouw in goede én slechte tijden raakte mij meteen in het hart: live is what happens to you, while you’re busy making other plans. Niet iedereen kon deze domestic bliss waarderen. Maar dat veranderde snel…

John & Yoko, 26 november 1980, door Allan Tannenbaum.

Walking on thin ice
De weken voor Kerst 1980 stonden in het teken van de promotie van Double Fantasy: grote interviewsessies, plannen voor een Europese tour in 1981 en het realiseren van de follow up: Milk and Honey. Dat Double Fantasy niet de klapper werd waarop gehoopt deerde hem niet:
“That’s okay. We still got the family.”
Zijn aandacht richtte zich de dagen vóór maandag 8 december op een ander huzarenstukje: Walking on thin ice waarop hij hypnotiserend lead guitar werk liet horen, opgenomen op donderdag 4 december:
I may cry someday,
But the tears will dry whichever way
And when our hearts return to ashes
It’ll be just a story.

Het nummer met een profetische tekst van de liefde van zijn leven was nog niet af. De overdub van de lead guitar stond voor maandagavond de 8e gepland, in de Record Plant Studio.
Thuis luisterde hij onafgebroken naar de track. Ook dat weekend.
Zaterdag de zesde richtte hij zich tot het Britse publiek tijdens een lang BBC-interview met een nogal vervelende Britse radiomaker.
De stilte van de zondag leek op de doodse stilte voorafgaand aan een tsunami zou zijn vrouw later vertellen.

John Lennon, door Annie Leibovitz. Thuis, 8 december 1980.

Maandag 8 december is een ongewoon warme winter dag voor New Yorkse begrippen. In appartement #72 in het Dakota appartementencomplex bij Central Park West is het stel ondanks de korte nacht vroeg opgestaan. Het ochtendritueel verschilt niet veel van de andere dagen, maar vandaag zou knap druk worden.
Ontbijt, half acht, beneden bij Café La Fortuna met cappuccino. Samen. Zonder beveiliging. Want dat was New York voor hem: ongestoord kunnen rondlopen. Zo ook naar de buurtkapper Viz-à-Viz voorafgaand aan de fotoshoot met Annie Leibovitz om 11:00 uur. Mijn favoriete foto’s van hem uit dat jaar zijn door Leibovitz gemaakt. Die dag blaakte hij van zelfvertrouwen en positiviteit. Hoopvol en blij met zijn hervonden creativiteit. In het interview met RKO-radio dat tegen één uur in de middag plaatsvindt, komt dat allemaal samen. Het leven begint bij veertig.

“Wil je dat ik dit signeer?”
Het is donker. Een aarzelende fan drukt zwijgend het album in zijn handen. Ondanks dat hij haast had, zette hij zijn handtekening met aandacht op de hoes: John Lennon 1980.
“Is dit okay?
“John, we komen te laat!”
Zijn vrouw zou zich later herinneren dat ze een beetje geïrriteerd was: waarom nog een handtekening?
Het werk in de Record Plant studio verloopt vlot, tot laat in de avond. Morgen weer een dag. Een hapje eten laat hij schieten: hij wil zijn vijfjarige zoontje zien. Sean is nog op.
Even na 10:45 uur stopt John Lennon één keer teveel op straat.

Rijswijk, maandag 8 december 1980

In de stad waar ik opgroeide is het zes uur later dan in New York. Het hele jaar door. Tijdens de wisseling van de wacht tussen de afspraak met  Annie Leibovitz en het interview met RKO-radio zal het in Nederland rond 18:03 uur zijn. De radio staat aan. De Avondspits begint. Geen huiswerk die avond. Ik leg de laatste hand aan een artikel over John Lennon voor de schoolkrant. De tekening, gebaseerd op het album Rock ‘n’ Roll is tegen elven af.
In New York wachten John en Yoko op de limousine die hen naar de studio brengt. John zet nog één handtekening:
“Is dat alles wat je wilt?”
Een fotograaf legt het moment vast. De ‘fan’ zou blijven wachten op de 72e straat.

Voor het slapen gaan leg ik nog één keer de LP Double Fantasy op de draaitafel. Tevreden over mijn artikel en tekening:
Hard times are over
Hard times are over
Hard times are over, over for a while
De muziek van Yoko Ono op dit album sla ik niet over. Muzikaal en tekstueel heel avontuurlijk. De dialoog tussen man en vrouw versterkt elkaars composities.

In de vroege ochtend van dinsdag 9 december, even na zeven, maakt mijn moeder mij wakker:
“Zal ik je wat vertellen?
John Lennon is dood.
Hij is vermoord…”

Verder lezen en kijken

Ik herdenk 2020

Patrick Wouters - Senang producties

Sinds jaar en dag sta ik op 15 augustus op mijn manier stil bij het einde van de Tweede Wereldoorlog. Ik schrijf hierover altijd vanuit het perspectief van mijn Indische ouders en grootouders die de Japanse bezetting en de bersiaptijd hebben doorstaan. Zonder daarbij de Indonesische kant van het verhaal uit het oog te verliezen.

Mijn vaders vader stierf op zijn 42e onder erbarmelijke omstandigheden in Japans krijgsgevangenschap.
Wie mij kent, weet ook dat ik kritisch denk (en schrijf) over kolonialisme, over het geweld aan beide kanten enzovoort. Over eerlijke geschiedschrijving, inclusief de zwarte bladzijden. Telkens is er wel een aanleiding om dit Nederlandse geschiedenisverhaal te vertellen. Vanuit verschillende perspectieven én groepen in de samenleving.

Na de crematie van mijn vader, legde ik het familieboeket bij het Indisch monument

Het Indisch monument in Den Haag
Eén van de plekken waar ALLE slachtoffers van de oorlog in Japan (in Nederland en Indonesië) worden herdacht. De ambassadeur van Indonesië is één van de kransleggers. Het is geen monument dat onze aanwezigheid in de Oost verheerlijkt. Niets van dat alles.
Het bekladden van het Indisch monument door een organisatie waarvan de naam niet de moeite van het noemen waard is, is er één uit een reeks laffe acties van mensen die waarschijnlijk niets anders in hun leven te doen hebben. Tegen deze domheid is geen kruid gewassen.
Offline en online worden discussies over racisme, kolonialisme enzovoort momenteel steeds heftiger. Het krijgt trekken van een gesprek tussen doven…

Eerder schreef ik: goede geschiedschrijving is telkens weer opnieuw zoeken naar een verhouding tot het verleden. Naar de juiste mix. Inclusief de schaduwkanten. Zo objectief mogelijk. Zonder van te voren opgelegd moreel gelijk.
Een vak apart. Voor herdenken geldt feitelijk hetzelfde. De Nationale Dodenherdenking van 4 mei 2020 is hiervan een geslaagd voorbeeld. Gelukkig zijn er veel journalisten en wetenschappers die op deze manier hun vak verstaan. Dat is na 75 jaar alleen maar toegenomen.

Voor wie wil verder lezen (eerdere publicaties)
Ná de oorlog met Japan brak de Bersiaptijd aan, gevolgd door de Indonesische revolutie, de tijd waarin Indonesië zich terecht losmaakte van Nederland en Nederland krampachtig met groot oorlogsgeweld Indië wilde behouden. Voor alle inwoners van Indonesië, Indonesiërs, (Indische) Nederlanders, etc. liet dat littekens achter. Over deze geschiedenis, en mijn persoonlijke zoek- en ontdekkingstocht naar mijn (Indische) achtergrond blijf ik schrijven. Als Nederlandse geschiedenis én als migratieverhaal. Ook niet kiezen (zoals veel Indo’s en Indische Nederlanders in de jaren veertig en vijftig deden is een keuze en een verhaal apart…).
Ik hoop dat we oog en oor hebben voor elkaars verhaal:
Gevangene 184 (over mijn opa die de Japanse bezetting niet overleefde).
De laatste les
Migratie gezin Wouters – Pernet

%d bloggers liken dit: